Overweging Ari van Buuren – 4 maart

Lezingen:  Exodus 20,1-17 en Johannes 2,13-25

1

We lazen de Tien Geboden. Ze blijven actueel. Kent ù ze nog? Martin Buber noemde hen ‘Weisungen’. Ze wijzen ons de weg naar een menswaardige samenleving. Ze komen voor in de Bijbel en iets anders ook in de Koran (o.a. Soera 6 en 17).

Ze garanderen de waardigheid van èlk mens. Ze vormen een basis voor de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Die Verklaring gaf de VN uit op 10 december 1948. Daarin ontbreekt een verwijzing naar God.

De Nederlandse afgevaardigde bij de voorbereidingen: Pater en hoogleraar Volkenrecht Leo Beaufort(1890-1965) pleitte er tevergeefs voor. Maar men was bang dat joden, christenen en moslims, dat boeddhisten en atheïsten het wel nooit eens zouden worden.

2

In mijn protestantse jeugd werden, en in de biblebelt worden nog steeds de Tien Geboden èlke zondagmorgen in de eredienst voorgelezen. Als responsie wordt wel gezongen:  “Gun door ’t geloof in Christus krachten, om die (geboden) te doen uit dankbaarheid!”

Ja, dankbaarheid is waar het om gaat. Niet om moralisme. Voor de Israëlieten gold: “Ik, God heb jullie bevrijd uit de slavernij in Egypte.“ Het Boek is ‘neergeschreven, zong de LWM, (zo)dat jij zònder angst zult leven wat je leest’.

En Elly Molenaar schreef me: “Ik heb eerlijk gezegd de 10 geboden altijd als ‘prettig’ ervaren. Handig toch, een stel leefregels waar je je aan kan houden, optrekken?!…”

3

Dit lijkt vrij simpel allemaal. God is onze goede Schepper. De sabbat is een protest tegen de 24 uurs-economie. God is niet te ver-beelden. God is altijd groter dan wij denken.

Krachtens God eren wij ouders. Wij doden niet, plegen geen echtbreuk; we stelen niet, liegen niet en we zetten onze zinnen niet op wat van onze naaste is. Ideaal!…

Jezus vat dit alles kort samen: “Heb God lief met heel je hart en ziel, uit al je kracht. En je naaste als jezelf.” – Is dat alles? Ja, dat is alles!…

4

Toch bleven Kees Disch, Ellie Togni en ik bij de voorbereiding van deze Viering steken bij het Tweede Gebod. Zou God ècht misdaden van ouders verhalen op hun nakomelingen tot in de 3de en 4de generatie? Dat kinderen lijden onder wangedrag van hun ouders is een soort natuurwet, en dat is al erg genoeg. Laten wìj maar kiezen voor het vervolg: voor een God die barmhartig is voor duizenden mensen en generaties nà ons. En wij in dat spoor!…

Ook bleven we haken bij de afwijzing van godenbeelden of afbeeldingen ter verering van enig wezen in hemel en op aarde. Synagogen, Moskeeën en protestantse Kerken zijn dus in principe beeld-loos. Hoe zit het dan met beelden van heiligen en ramen met de martelaren van Gorcum in onze kerk? Wij bewijzen hun geen goddelijke eer. Zij verwijzen naar God.

We beseften ook dat alle kaarsen, die bij elke Viering zo overvloedig branden bij de Mariakapel, ons zoeken naar goddelijke troost weerspiegelen.

We zijn troost-vragers. We kunnen daardoor troost-dragers worden!

5

Wat doet Jezus in de Tempel te Jeruzalem?

Het is er een beestenboel. Vol passie, heilig vuur (Psalm 69,10) zuivert Jezus de Tempel. “Het is, zegt hij, geen markthal”.  Alle vier evangeliën vermelden de Tempelreiniging. Mattheüs(21, 12v), Marcus(11,15v) en Lukas(19,14v) accentueren Jezus’ heilige woede. Met Jesaja(56,7) schrééuwt hij het uit: “Mijn huis moet voor àlle volken een huis van gebed zijn!” Jezus herhaalt Jeremia(7,11): “Jullie hebben er een rovershol van gemaakt.”

Alleen Lukas vertelt (19,41v) dat Jezus onderweg naar de Tempel huilt! Hij huilt over het lot van de H. Stad. Aan Jezus’ woede gaat dit verdriet vooraf. Onder woede gaat vaak verdriet schuil, zoals er onder verdriet vaak woede verborgen is. Hebben we daar oog voor?…

En Johannes, alleen hij vertelt dat Jezus kort na de Tempelreiniging tegen een Samaritaanse, allochtone vrouw zegt (4,21-24): “Er komt een tijd dat we noch in uw heiligdom noch in de Tempel God zullen aanbidden. Wie God aanbidden moeten aanbidden in Geestkracht en in waarachtigheid. God is op zoek naar wie hem zo aanbidden!”

6

Hoorde u nu inmiddels ook minstens 10 woorden?!

Déze woorden: liefde voor God; liefde voor de naaste; liefde voor jezelf; troost; passie; verdriet; woede; aanbidding; geestkracht; waarachtigheid.

Huizen deze woorden in onszelf als in een tempel? Dat is dan volgens Christus niet kapot te krijgen! Worden deze kern-woorden vlees en bloed in onze Hofkerk? Zijn de woorden van de 10 Geboden en deze woorden kern-wààrden voor ons? Laten we telkens in de Geestkracht van Christus ons ego zuiveren. Dàt is pas pelgrimeren naar Passie & Pasen!

 

De kerk biedt geen product, waarvan wij consumenten zijn. Onze Hofkerk is een heilige, een sacrale ruimte. Moeten we ons dat niet opnieuw meer bewust worden? Daarom brandt er een Godslamp. De Matthäuspassion vanmiddag is hier zeer op haar plaats.

Maar zou Jezus bezwaar hebben tegen onze Goede Doelen-markt? Of tegen de kerk als plaats van ontmoeting, en als kerk open voor de buurt? Sabine Wong, een jongere die nu meedoet in ons Toekomstberaad zei: “De kerk zou dag en nacht moeten kunnen openstaan om je te omarmen…”

7

Eindigen wil ik met nog een heel ander vergezicht.

De United Nations gaf dus 70 jaren geleden de Verklaring van de Rechten van de Mens uit. Wordt ‘t geen tijd voor zoiets als een ‘United Religions’? Dat beleefde ik al als ziekenhuis-pastor samen met katholieke, protestantse, humanistische, moslim- en hindoe-zielzorgers.

Jezus wil immers, dat zijn huis een huis van gebed voor àlle volkeren wordt. En dat we God in Geest en waarheid ontmoeten. Zo God en elkaar liefhebben, vanuit onze Hofkerk.

 

Onlangs (16-23 februari) was ik samen met 299 mensen van diverse landen en religies uitgenodigd voor een Interreligieus Congres in Zuid-Korea.

Dit vond ik, vrijmoedig gezegd, belangrijker dan de Olympische Winterspelen. We waren niet in competitie met elkaar; niemand hoefde te winnen. We zijn geen goud-zoekers, maar God-zoekers.

We ontmoetten elkaar onbevangen: b.v. een Imam uit Parijs, een weduwe uit Hiroshima; een Ethiopische monnik uit Jeruzalem, en Boeddhistische monniken.

We tekenden een petitie voor vrede tussen de Korea’s.

 

In mijn speech op dit Congres zei ik dat het Gevecht van Jakob met de Engel (Genesis 32) mij inspireert.

Tegen de Engel zegt hij: “Ik laat u niet gaan tenzij u mij zegent”. Met zijn broer Ezau verzoent Jakob zich na gezegd te hebben: “Jouw gezicht zien is als het zien van Gods gelaat…”

Ja: elkaar zegenen! Elkaar aankijken alsof je God aankijkt…

 

Lof zij U Christus in eeuwigheid. Amen