Overweging Ari van Buuren, 8 oktober 2017

Ari van Buuren * Overweging Hofkerk 8 oktober 2017 – Jesaja 5,1-7 en Matteüs 21,33-43

1

Deze woorden van onze geliefde burgemeester Eberhard van der Laan, die afgelopen donderdagavond stierf, heeft hij ons Amsterdammers nagelaten: “Zorg goed voor onze stad en voor elkaar”.

Jezus noemt de samenleving vaak een wijngaard. Beiden, Eberhard en Jezus, bedoelen – zo wil ik vandaag zeggen – beiden bedoelen dat het uìt moet zijn met vruchten plùkken! Niet alsmaar de buit van het leven voor jezèlf binnen willen halen!

Willen we vruchten voortbrengen? Willen we voor elkaar vruchten, druiven, wijn zijn? Willen we goed voor elkaar zorgen in onze stad? Amsterdam, een ‘lieve stad’ en: een ‘wijngaard’…

 

Amsterdam: een wijngaard! – Dit is de 3de opeenvolgende zondag dat we uit het Matteüs-evangelie een gelijkenis lezen van Jezus over een Wijngaard. Daarom klonk net het lied ‘Ik ben de wijnstok, mijn Vader de wijngaardenier’ (Johannes 15,1v).

In deze 3 Jezusverhalen over een wijngaard is werkelijk niets zoals het lijkt!

2

Twee zondagen geleden ging de Evangelielezing over een wijngaardenier die arbeiders huurt (Mt 20, 1-15). Hij betaalt aan de werkers van het eerste uur evenveel uit als aan die van het elfde uur. Dat is toch te gek?! Maar ja, legde Coen uit (ik citeer): “Dàt is dus Bijbelse gerechtigheid: je zorgt voor hen die nauwelijks iets bezitten.”

Simpel?? Het is ook in de geest van onze burgervader Eberhard van der Laan.

 

Vorige zondag lazen we over 2 zonen van een wijngaardenier (Mt 21,28-32). Hij vraagt hen om één dag inzet in de wijngaard. De een zegt ja, maar gaat niet. De ander zegt nee, maar gaat alsnog. Dat laatste heeft Jezus’ voorkeur!

Coen keek vanuit deze gelijkenis (ik citeer) “naar de autoriteiten in onze dagen. Er wordt ‘ja’ gezegd, maar ‘nee’ gedaan. In de grote wereld is er geen samenwerking en worden geen wegen gevonden om b.v. de oorlog in Syrïe te beëindigen. En er worden geen middelen gevonden om het tegengaan van de klimaat-verandering te versnellen.”

3

De derde gelijkenis van vandaag lijkt een oud, ruig en kapitalistisch verhaal vol moord en doodslag met executies ten gevolg. Het spreekt over een wijnboer: een landeigenaar met zetbazen-wijnbouwers en met slaven.

Wij willen dit toch niet meer zo? Maar hoe lang deden wij daar over? Ruim 1800 (!) jaren na de verschijning van Christus schafte Nederland de slavernij af: 1 juli 1863.

En nu, weer ruim 1½ eeuw later is er sinds vrijdag in het Tropenmuseum de tentoonstelling Heden van het slavernijverleden. Vele migranten in Nederland, en met name ook migranten-christenen – zoals in de Koningskerk – stammen van slaven af.

Een kritische vraag hierbij voor ons is en blijft: werkt dat verleden nog door? En hoe? Wat behoeft nog verbetering of verzoening? Voortschrijdend inzicht gaat altijd zó langzaam….

4

Verder kan een vraag voor ons vanmorgen zijn: wat heeft deze parabel over Gods wijngaard en zijn slechte pachters uitgewerkt?

Er wordt toch duidelijk aangeduid dat die zetbazen in Gods wijngaard de profeten en tenslotte de zoon van God vermoordden?

Jezus zegt ronduit: “Het rijk Gods zal u ontnomen worden en gegeven aan een volk dat wèl de vruchten van de wijngaard opbrengt.” Is de Israëlitische Proeftuin dus mislukt??

Sindsdien beriep de Kerk zich hierop. Ze zei: ‘Wij zijn het nieuwe Godsvolk, wij zijn in de plaats van de Joden gekomen’. De Kerk noemde zich wel het Nieuwe Israël. Dit heet ‘vervangings-theologie’. Joden van altijd en overal kregen de schuld van het doden van Jezus als Gods Zoon.

Deze gelijkenis werd zo ongewild een bron van antisemitisme. Ook Luther b.v. was nogal antisemitisch. En in ons eeuwenoude Goede Vrijdag-gebed was sprake van de ‘perfidi Iudaei’, van ‘die perfide of trouweloze Joden’. Tenslotte schrapte Paus Joannes XXIII in 1959 deze woorden, 14 jaren na het einde van de Holocaust.

5

Het is belangrijk en goed om ons dit alles bewust te maken.

Ik wil u, ons echter uitnodigen om òòk nog vooral vanuit ons hàrt naar de gelijkenis van de criminele pachters in Gods wijngaard te kijken. Vanuit ons hart: in verbinding met onze te jong gestorven Burgemeester Eberhard van der Laan.

Hij belichaamt voor mij de 3 kernwoorden in het stadswapen van onze stad: ‘Vastberaden, Heldhaftig & Barmhartig’. Daarom zegt hij: “Zorg goed voor onze stad en voor elkaar.”

Is Amsterdam ècht een Proeftuin voor gerechtigheid? Zorgen wij voor wie nauwelijks iets bezitten? Zeggen wij misschien eerst Nee – maar doen we alsnog Ja?

6

Die drie parabels over de Wijngaard behoeven natuurlijk toelichting en verheldering. Die uitleg trachten wij als voorgangers professioneel te geven. Maar het gaat vooral ook om een toepassing voor nu, om actualisering.

Hoe waarderen wij elkaar? Hoe erkennen wij elkaar? Hoe verstaan we elkaar? Hoe delen we met elkaar? De wijngaard, moeder aarde is niet ons bezit. God heeft ons het leven gegéven, verpacht. Waarom willen mensen eigen baas zijn in de wijngaard van de samenleving? Waarom zouden we de vruchten van het leven alleen voor onszelf houden? Modern gezegd: het gaat toch om ‘caring and sharing’?!

Waarom zouden bepaalde mensen zoals moslims hier eigenlijk niet mogen wonen? Laatst hoorde ik: “Amsterdam is intussen ‘superdivers’.” Die definitie betekent dat er in onze stad geen meerderheden meer zijn. We zijn allemaal minderheden!

Is dat niet erg ontspannend? Concurrentie en rivaliteit zijn zo kortzichtig in vergelijking met solidariteit. Laten we elkaar creatief aanvullen, verrijken en samen werken.

7

Eerlijk bezien beschrijven de profeet Jesaja en Jezus Messias God als een gefrustreerde en emotionele Wijngaardenier. God uit zich zo getergd alsof zijn experiment-mens mislukt….

Maar waarom zouden we hier niet tegen kunnen? Dit is toch herkenbaar? Je kunt er ook als mens, als individu soms genoeg van hebben, méér dan genoeg….

Dankzij Jezus’ wijngaard-gelijkenissen besef ik dat ik zelf soms ook onmogelijk ben. Dat het kwade in mij het soms wint. Maar Christus mobiliseert mijn goede wil. Jij en ik, wij worden vruchten en wijn voor elkaar…

Misschien sterft ons ego allengs. Dat is uiteindelijk geen harde dood. Daarvan getuigt ook het afscheidsboekje van Pastor in Amsterdam, onze Leo Nederstigt: kwetsbaar, kostbaar en waardevol zijn wij in Gods ogen. ‘Ik hou van jou’ is een andere Godsspraak van Jesaja.

Zo vergezellen ons in en buiten Amsterdam: Vastberadenheid, Heldhaftigheid & Barmhartigheid. Barmhartigheid is als een klein, onooglijk, zacht steentje in het gebouw van de samenleving. Zo’n steen verdient een sluitsteen, een hoeksteen te worden: dàt zingt Jezus met Psalm 118 mee.

Ja: de meeste is de Barmhartigheid. Lof zij Hem, Christus, in eeuwigheid. Amen