Overweging Frank de Haas – 6 mei

Hand 10, 25-26.34-35.44-48     –        Joh 15, 9-17

Beste medeparochianen,

 

1.We hebben een bijzonder weekend. Afgelopen vrijdag, 4 mei, waren we twee minuten stil om de doden van de Tweede Wereldoorlog en andere oorlogen daarna te herdenken. Gelukkig bleef het in die minuten ook stil. Gisteren, 5 mei, vierden we bevrijdingsdag.

Zoals gebruikelijk hebben we voor deze zondagse liturgie het thema bepaald aan de hand van de lezingen voor deze dag.  Maar natuurlijk zal ik ook wat woorden wijden aan de dagen die achter ons liggen.

2.Terugkerend onderwerp in de lezingen van de zondagen in deze periode van het kerkelijk jaar is het op gang komen van een grote christelijke beweging van mensen, waartoe Jezus de aanzet heeft gegeven. Jezus’ boodschap is voor alle mensen. Ook voor de heidenen. De Romeinse honderdman Cornelius uit de eerste lezing van vandaag is de eerste heiden die zich laat bekeren. Het is bijzonder zoals Petrus op hem reageert als Cornelius een buiging maakt: ‘Sta op, ik ben ook maar een mens’. Een mens dus in al zijn eenvoud, bescheidenheid en nederigheid.

En zie vers 45: ook over de heidenen was de gave van de Heilige Geest uitgestort. Ook zij worden zo op deze wijze geïnspireerd. De boodschap is voor iedereen beschikbaar. Ze mogen meedoen en worden ook begeesterd. En ook zij mogen gedoopt worden en zich aldus bij de gemeenschap aansluiten.

De beweging komt op gang en wordt allengs groter. In vers 16 van het evangelie van vandaag staat: ‘Ik heb u de taak gegeven op tocht te gaan’. In een wat modernere vertaling zouden we zeggen dat we op weg gestuurd zijn. Het gaat dan om het verspreiden van Zijn Woord, van Zijn blijde boodschap.

  1. In bijna elke regel van de evangelielezing van vandaag gaat het over de liefde. We hebben – u ziet het op de voorkant van uw boekje – als thema voor deze viering gekozen: Liefde door alles heen. ‘Blijft in mijn liefde’, zegt Jezus. En: ‘Dit is mijn gebod, dat gij elkaar liefhebt zoals Ik u heb liefgehad’. Hij liet zien hoe het moet. En ons wordt opgedragen hetzelfde te doen.

Maar het gaat niet alleen over de liefde. Het gaat nadrukkelijk ook over vriendschap. Zie wat Jezus in vers 15 zegt: ‘Ik noem u geen dienaars meer want de dienaar weet niet wat zijn heer doet, maar u heb ik vrienden genoemd want ik heb u alles meegedeeld wat ik van de Vader heb gehoord’. Als vrienden staan de leerlingen heel dicht bij hem, worden zij serieus genomen en in alles gekend.

Is de boodschap van liefde niet de alles overheersende boodschap die ons is meegegeven en die wij verder moeten uitdragen naar allen die we ontmoeten? LWij worden uitgezonden met dat zegenrijke verhaal. De boodschap is voor iedereen. Zonder aanzien des persoons, zoals in Handelingen staat. Als wij het goede doen, zijn we Hem welgevallig. Hier wordt dan gesproken over Hem vrezen. Het gaat, denk ik, niet zozeer om vrees, maar om respect.

  1. We spraken bij de voorbereiding van deze viering over oorlog en vrede, over bezetting en bevrijding. Wat is er door nabestaanden veel over de Tweede Wereldoorlog verteld. Wat is er ontzettend veel over geschreven. Nog steeds komen er nieuwe publikaties bij, soms diep ontroerende persoonlijke getuigenissen. Eind vorige eeuw verschenen de nagelaten geschriften van Etty Hillesum. Eén citaat uit de vele die ik zou kunnen kiezen, van een vrouw die tijdens de oorlog, in de donkerste jaren van haar leven, ongelooflijk positief en vol vertrouwen bleef.

‘Ergens (schrijft Etty) ben ik zo licht van binnen, zo zonder enige verbittering en heb zoveel krachten liefde in me. Ik wil zo graag blijven leven om de nieuwe tijd te helpen voorbereiden en om dat onverwoestbare in mij behouden over te dragen naar de nieuwe tijd, die zeker zal komen, ze groeit immers al in mij, iedere dag, ik voel het toch? (…) Ik voel me als de bewaarplaats van een stuk kostbaar leven, met alle verantwoordelijkheid daarvoor. Ik voel me verantwoordelijk voor het mooie en grote gevoel voor dit leven dat ik in me heb en dat moet ik onbeschadigd door deze tijd heen trachten te loodsen, naar een betere tijd toe’.

  1. In de groep die deze viering voorbereidde is Klaas (Klaas van Galen Last) de enige die de oorlog bewust heeft meegemaakt. Wat is Klaas van dat moment van de bevrijding het meeste bijgebleven? Klaas denkt dan vooral aan de vreugde, de enorme blijdschap. Eindelijk was er weer vrijheid. Klaas denkt ook nadrukkelijk aan dankbaarheid jegens God, er ontstond een nieuwe tijd. Groot was het gevoel van opluchting na die duistere jaren. Eindelijk konden mensen weer zonder angst de straat op. En Klaas zei: eigenlijk kom ik woorden tekort om uitdrukking te geven aan wat er toen, op dat moment, allemaal door me heen ging…

Er was nog iets anders waar Klaas over vertelde. Tijdens de oorlog, zei hij, was er een sterke verbondenheid tussen mensen. Want allen waren lotgenoten in deze bange jaren, tegenover een gemeenschappelijke vijand, de bezetter. Maar helaas, aldus Klaas, werd dat eenheidsgevoel na de bevrijding snel weer losgelaten. Trok ieder zich terug in de eigen groep. Het waren de jaren van de verzuiling. In de eigen club vond men dan weer veiligheid en geborgenheid. Treurig vindt Klaas dit.

  1. In het evangelie wordt de liefde verbonden met vreugde. In vers 11 staat: ‘Dit zeg ik u opdat mijn vreugde in u moge zijn en uw vreugde volkomen moge worden’. Over vreugde gaat het ook in het nieuwste document van paus Franciscus: Gaudate et Exsultate. Verheug je en juich! In dagblad Trouw werd er uitvoerig aandacht aan besteed. ‘Voor deze paus gaat het leven vóór de leer’, lees ik in deze krant. Predikant Bas van der Graaf wordt geciteerd, hij zegt: ‘Ik ben echt een beetje overrompeld door de zeggingskracht van wat ik hier lees. (het pauselijk document dus) Het is verreweg het meest herkenbare stuk dat ik ooit van een paus gelezen heb. Een prachtig document. Mooi vind ik bijvoorbeeld dat hij de zaligsprekingen als uitgangspunt neemt. Heilig leven – onderwerp van het document – wordt dan leven in de ruimte van Christus en de genade, een leven dat je als mens tot je bestemming brengt, een leven van vreugde. Ik zie Franciscus heel erg de brede ruimte van het menselijke hart zoeken. Hij omarmt je en moedigt je aan, in plaats van uit te sluiten”. Einde citaat.

Het is mooi dat deze paus ons aldus bemoedigt en sterkt. Menselijke relaties zijn niet altijd eenvoudig. We schieten als mensen tegenover elkaar nog wel eens tekort. In het voorbereidende gesprek hadden we het over de schuldbelijdenis. We zeiden: het is niet verkeerd om je te realiseren dat je fouten maakt. Maar, zo bespraken we, zouden we niet veel meer nadruk moeten leggen op wat we goed doen, of op z’n minst op onze inzet om dat goede te doen? Kiezen voor het positieve. Kijken naar wat we voor elkaar kunnen betekenen.

  1. In de bijeenkomst van het Toekomstberaad deze week spraken we over diakonie en over pastoraat. Het uitgangspunt van ons omgaan met elkaar, of er nu wel of niet sprake is van problemen of noden, is aandacht. Daar begint toch elke menselijke ontmoeting mee, de aandacht voor de ander. Daar kun je aan toevoegen: de oprechte belangstelling, de bereidheid echt naar elkaar te luisteren. En compassie.

Uiteindelijk gaat het altijd weer om de liefde als leidend beginsel. Er zijn voor elkaar. In goede en in minder goede tijden. We denken aan de dierbaren met wie we ons leven nu delen. En we denken aan de dierbaren die wegvielen en die we missen. En die we voor altijd in liefde in ons hart blijven dragen.

  1. Aandacht voor ieder die onze aandacht nodig heeft. Hier. Dichtbij en verder weg. Allen zijn we op weg, ‘op tocht’. Als leerlingen, met een waardevolle boodschap. Laten we samen verder gaan, verbonden met elkaar. Vreugde zoekend en belevend. Liefde en vriendschap delend. Met de inspiratie van Hem die ons voorging. Ik sluit af met die prachtige dichtregels die we straks in het slotlied zingen: ‘Dit ene weten wij. En aan dit een houden wij ons vast in de duistere uren. Er is een Woord dat eeuwiglijk zal duren. En wie ’t verstaat, die is niet meer alleen’.

Amen.